Brandbestrijding

Ter ondersteuning van de incidentbestrijding bestaan in Nederland interventiewaarden voor gevaarlijke stoffen. Het RIVMRijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu heeft een document gemaakt waarin alle stofdocumenten, die zijn opgesteld volgens een herziene methodiek,  verzameld zijn. Tevens is een toelichting op de informatie in de stofdocumenten toegevoegd en zijn alle nog niet herziene interventiewaarden opgenomen. In het document kan vanuit de inhoudsopgave worden doorgeklikt naar het betreffende stofdocument en kan vanuit ieder informatieblok in ieder stofdocument worden doorgeklikt naar een toelichting daarop. Dit document "Handleiding & Stofdocumenten Interventiewaarden 2020" is alleen digitaal beschikbaar en is actief verspreid onder de eindgebruikers en tevens te vinden via de pagina Interventiewaarden voor de incidentbestrijding

Voor de volgende stoffen zijn een of meerdere interventiewaarden gewijzigd: acetoncyaanhydrine, chloorsulfonzuur, ethylbenzeen, salpeterzuur, thionylchloride, triethylamine.

Het RIVM heeft het overzicht met interventiewaarden uitgebreid met de A/B-status. Deze A/B-status is te vinden in het Overzicht interventiewaarden 2020 . De A- of B-status wordt middels een standaardscenario afgeleid door de Veiligheidsregio Rotterdam-Rijnmond en geeft een indicatie van het te verwachten effectgebied en de noodzaak om bij incidenten al dan niet op te schalen. Een stof is niet geclassificeerd (-), of heeft een A- of B-status. B stoffen veroorzaken onder deze standaardomstandigheden een groter effectgebied (zijn risicovoller) dan A-stoffen. Meer informatie over de A- of B-status is te vinden in de Handreiking voor de afleiding van interventiewaarden voor incidentbestrijding.

Interventiewaarden zijn ook te vinden via het zoeksysteem van deze website.

Lees meer over interventiewaarden.