Geachte bezoeker

Hieronder zijn antwoorden te vinden op het type vragen dat veel gesteld wordt aan de helpdesk Risico's van stoffen van het RIVMRijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu. Vindt u de gewenste informatie niet in dit overzicht of elders op deze website? Laat het ons dan weten via het vragenformulier.

Wanneer moet ik welke luchtnorm gebruiken?

Wanneer moet ik welke luchtnorm gebruiken?

Ik zie in een publicatie van het RIVMRijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu een MTRMaximaal toelaatbaar risiconiveau en een SWStreefwaarde in lucht vermeld staan. Dit zijn de geldende Nederlandse milieukwaliteitsnormen. Echter, in een ander document wordt een grenswaarde met een andere waarde genoemd. Welke norm moet gebruikt worden in welke situatie?

Het maximaal toelaatbaar risiconiveau (MTR) en de streefwaarde (SW) voor lucht zijn milieukwaliteitsnormen. Deze luchtkwaliteitsnormen geven de risicogrenzen aan voor stoffen in de buitenlucht. De normen zijn vastgesteld ter bescherming van de gezondheid van de mens en het milieu. Lees meer over luchtkwaliteitsnormen.

De grenswaarde geldt voor blootstelling van een werknemer aan een stof via de lucht op de werkplek. Bij de vaststelling van deze waarde (het tijdgewogen gemiddelde, TGGhet tijdgewogen gemiddelde ) is het uitgangspunt dat - voor de huidige kennis reikt - de gezondheid van de werknemers én hun nageslacht niet wordt benadeeld. Zelfs niet bij herhaalde blootstelling aan die concentratie gedurende een langere, tot zelfs een arbeidsleven omvattende, periode. Lees meer over grenswaarden voor blootstelling van werknemers.

De normen dienen dus een ander beschermingsdoel, en kennen daarom een eigen afleidingsprocedure. Deze verschillen in afleidingsprocedure leiden tot verschillen tussen de waarden en normen.

Er is geen MTR is voor een stof, maar ik heb deze norm nodig?

Er is geen MTR is voor een stof, maar ik heb deze norm nodig?

Medewerkers van de overheid kunnen een aanvraag indienen voor het afleiden van algemene milieukwaliteitsnormen voor een stof, zoals een MTRMaximaal toelaatbaar risiconiveau (maximaal toelaatbaar risiconiveau) of een SWStreefwaarde (streefwaarde). Bekijk de te volgen procedure (PDF).

Welke mogelijke gezondheidseffecten heeft PUR?

Welke mogelijke gezondheidseffecten heeft PUR?

Een jaar geleden is de kruipruimte van mijn huis geïsoleerd met PUR. Ik heb nog steeds last van stank in de kruipruimte. Ik vertrouw dit niet en ik maak me zorgen. Kunt u mij informatie geven over de mogelijke gezondheidseffecten van PUR?

Uw eerste aanspreekpunt voor dit probleem is de afdeling milieu en gezondheid van de GGDGemeentelijke/gewestelijke gezondheidsdienst in uw regio. De GGD heeft een expert-groep PUR, met daarin medewerkers van verschillende GGD's. U vindt uw regionale GGD via de GGD website.

Er is ook een Kennisplatform Gespoten PUR-schuim. Op deze website is onder andere informatie te vinden over het afhandelen van klachten.

Welke regelingen gelden voor schoonmaakmiddel/zeep?

Welke regelingen gelden voor schoonmaakmiddel/zeep?

Het bedrijf waarvoor ik werk wil een schoonmaakmiddel/zeep op de markt brengen. Met welke regelingen hebben wij te maken?

Vragen over het op de markt brengen van producten vallen buiten de scope van deze helpdesk. Voor informatie hierover kunt u terecht bij de Nederlandse Voedsel en Waren Autoriteit.

Daarnaast kunt u een overzicht van de relevante wet- en regelgeving vinden via de vereniging van zeepfabrikanten.

Is een stof een Zeer Zorgwekkende Stof?

Is een stof een Zeer Zorgwekkende Stof?

Ik heb in mijn werk te maken met een aantal stoffen. Hoe weet ik of het gaat om Zeer Zorgwekkende Stoffen? En wat heeft dit voor gevolgen?

Het identificeren van Zeer Zorgwekkende Stoffen verloopt via de methodiek beschreven in het RIVMRijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu rapport Handreiking identificatie Nederlandse zeer zorgwekkende stoffen. Als hulpmiddel kunt u via het zoeksysteem de ZZS-lijst bekijken en downloaden. Lees meer over het Nederlandse beleid rond zeer zorgwekkende stoffen.

Wat moet ik doen als een kind lampolie gedronken heeft?

Wat moet ik doen als een kind lampolie gedronken heeft?

Particulieren kunnen in deze situatie het beste contact opnemen met een arts. Professionele hulpverleners kunnen met deze en vergelijkbare vragen terecht bij het Nationaal Vergiftigingen Informatie Centrum (NVICNationaal Vergiftigingen Informatie Centrum ) (tel. 030-274 8888) of via de website www.vergiftigingen.info. Het NVIC informeert de professionele hulpverlener over alle typen vergiftigingen. Denk aan overdosering van geneesmiddelen of blootstelling aan drugs, planten en bestrijdingsmiddelen.

Zwangerschap en risico's van blootstelling aan stoffen

Zwangerschap en risico's van blootstelling aan stoffen

Waar kan ik terecht met vragen over (voorgenomen) zwangerschap, wanneer mijn partner of ikzelf (regelmatig) in aanraking komen met stoffen in producten en via het werk?

Particulieren/werkneemsters kunnen dergelijke vragen het beste aan hun huis/ArboArbeidsomstandigheden-arts of verloskundige voorleggen.

Professionele hulpverleners kunnen met deze en vergelijkbare vragen terecht bij de Teratologie Informatie Service (TIS) van het Lareb: 073-6469702. Vind meer informatie over TIS.

Valt een stof onder het ADR?

Valt een stof onder het ADR?

Valt het vervoer van bijvoorbeeld vloeibaar asfalt onder het ADRAccord européen relatif au transport international de marchandises Dangereuses par Route ?

Voor de beantwoording van vragen over transport van stoffen en producten verwijzen wij u door naar de Inspectie Leefomgeving en Transport, ook bereikbaar via  tel. 088 489 00 00.

Waar vind ik de gevaarsindeling van mengsels?

Waar vind ik de gevaarsindeling van mengsels?

Een mengsel is een mengsel of oplossing van twee of meerdere stoffen (uit: REACHRegistratie, Evaluatie en Autorisatie van Chemicaliën verordening 1907/2006/EEG). Er bestaat geen lijst waarop de gevaarsindeling van mengsels is weergegeven. De gevaarsindeling en etikettering van mengsels is een verplichting van de industrie. De indeling moet worden afgeleid op basis van de CLPClassification, Labelling and Packaging Verordening EC 1272/2008.

Als een mengsel zelf is getest, is dit altijd leidend voor de bepaling van indeling en etikettering (behalve voor o.a. CMRKankerverwekkende, mutagene (genetische verandering veroorzakende) en/of reproductietoxische (giftig voor de voortplanting) stoffen eindpunten). Als een mengsel niet zelf is getest, moet het worden geclassificeerd op basis van rekenregels die zijn opgenomen in de preparatenrichtlijn of de EUEuropese unie verordening.

Vragen over de interpretatie van de CLP Verordening kunt u stellen via de Nederlandse Voedsel en Waren Autoriteit (tel. 0800 04 88 of email info@nvwa.nl) of via Chemische stoffen goed geregeld!.

Verplichtingen bij import stof voor industrieel gebruik uit China?

Verplichtingen bij import stof voor industrieel gebruik uit China?

Heb ik verplichtingen als ik een stof voor industrieel gebruik wil importeren uit China?

De verplichtingen zijn per stof verschillend en hebben ook te maken met de hoeveelheid en de toepassing. U kunt dergelijke vragen stellen via Chemische stoffen goed geregeld!.

Welke informatie moet op een Veiligheidsinformatieblad staan?

Welke informatie moet op een Veiligheidsinformatieblad staan?

Per 1 juni 2007 moeten nieuwe veiligheidsinformatiebladen en veiligheidsinformatiebladen met nieuwe toevoegingen voldoen aan de vereisten van de REACHRegistratie, Evaluatie en Autorisatie van Chemicaliën -verordening (Verordening (EC) 1907/2006).

Meer informatie over Veiligheidsinformatiebladen kunt u vinden via Chemische stoffen goed geregeld!.