Waterkwaliteitsnormen geven de concentraties aan waarboven nadelige effecten op het watersysteem kunnen optreden. Ze zijn gericht op de bescherming van mens en ecosysteem.

Welke normen zijn er?

Milieukwaliteitsnorm (MKN)

Sinds de invoering van de Kaderrichtlijn water (KRW) zijn er voor oppervlaktewater drie soorten milieukwaliteitsnormen:

  • JG-MKN Jaargemiddelde milieukwaliteitsnorm (Jaargemiddelde milieukwaliteitsnorm), de jaargemiddelde milieukwaliteitsnorm voor langdurige blootstelling beschermt het waterecosysteem en mensen en dieren die vis of schelpdieren eten;
  • MAC-MKN Maximaal aanvaardbare concentratie milieukwaliteitsnorm (Maximaal aanvaardbare concentratie milieukwaliteitsnorm), de maximaal aanvaardbare concentratienorm beschermt het ecosysteem tegen kortdurende concentratiepieken;
  • MKN-biota milieukwaliteitsnorm in organismen (milieukwaliteitsnorm in organismen), de jaargemiddelde waterkwaliteitsnorm wordt uitgedrukt als hoeveelheid van een stof in vis of schelpdieren. Deze norm beschermt mensen en dieren die vis of schelpdieren eten.

Deze website en het “Zoeksysteem Risico’s van stoffen” gebruiken MKN milieukwaliteitsnorm (milieukwaliteitsnorm) termen, al is er wetgeving waarin de termen zijn veranderd (zie onder "Verandering van MKN termen"). Daarnaast zijn er normen voor oppervlaktewater waaruit drinkwater wordt gemaakt.

Maximaal toelaatbaar risiconiveau (MTR) 

Voor oppervlaktewater worden tegenwoordig geen MTR Maximaal toelaatbaar risiconiveau (Maximaal toelaatbaar risiconiveau)-waarden meer afgeleid, maar er zijn nog wel MTR’s voor stoffen waarvoor geen nieuwe waarden zijn afgeleid. Het maximaal toelaatbaar risiconiveau is de concentratie van een stof in het milieu waarboven nadelige effecten op het milieu kunnen optreden. Het MTR geldt voor langdurige (chronische) blootstelling.

Wettelijk kader

De Europees geldende milieukwaliteitsnormen uit de Kaderrichtlijn Water 2000/60/ EG Europese Gemeenschap (Europese Gemeenschap) (zie ook KRW) zijn opgenomen in bijlage III van het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl). De normen voor oppervlaktewater te gebruiken voor drinkwaterbereiding staan Bijlage V van het Bkl .
Daarnaast kunnen landen ook specifiek verontreinigende stoffen aanwijzen. Voor Nederland zijn de normen voor deze stoffen opgenomen in
bijlage IIIa van het Bkl, deze worden ook wel aangeduid als ”monitoringsindicatoren”. Verder  zijn er  normen die niet in de regelgeving zijn vastgelegd, zie de pagina Milieu.

Verandering van MKN termen

De termen JG-MKN en MAC-MKN staan in de Nederlandse vertaling van de Richtlijn prioritaire stoffen 2013/39/EU. Tot 2015 werden ze ook gebruikt in de Nederlandse wetgeving onder de KRW Kaderrichtlijn Water (Kaderrichtlijn Water), het BKMW en de Regeling monitoring Kaderrichtlijn water.

Bij de laatste wijziging van het BKMW is de term “milieukwaliteitsnorm” vervangen door “milieukwaliteitseis” (JG-MKE en MAC-MKE). In de Regeling monitoring KRW wordt nu gesproken over “jaargemiddelde waarde van de concentratie” en “maximaal aanvaardbare waarde van de concentratie”. Deze wijziging heeft te maken met de juridische status van de getallen in beide documenten. De inhoudelijke betekenis van de getallen en de wijze van toetsing is niet veranderd.
De wijziging is ook niet van toepassing op stoffen die niet in het BKMW of de Regeling zijn opgenomen. Op deze website kiezen we er daarom voor om de termen JG-MKN en MAC-MKN te blijven gebruiken, ongeacht de status van het getal.

Overschrijding van de normen

Bij overschrijding van een milieukwaliteitseis, is de waterbeheerder verplicht om maatregelen te nemen, bijvoorbeeld op het gebied van emissiebeheer. Lees meer over emissiebeheer bij het IPLO.

Overschrijding van normen voor de vergunningverlening kan leiden tot aanpassingen in de vergunning, bijvoorbeeld het opleggen van extra emissiebeperkende maatregelen.

Meer informatie over het toetsen en beoordelen van de waterkwaliteit is te vinden via het IPLO. Meetgegevens voor gewasbeschermingsmiddelen in het Nederlandse oppervlaktewater zijn te vinden in de Atlas Bestrijdingsmiddelen in oppervlaktewater.