Consumenten
Kring van winkelwagens

Normen voor 

consumenten

Voedselcontactmaterialen zijn verpakkingsmaterialen voor levensmiddelen en gebruiksartikelen zoals servies, bestek en snijmachines. Veelgebruikte materialen zijn plastic, papier en karton, glas, keramiek, metaal en coating.

Stoffen kunnen uit de voedselcontactmaterialen vrijkomen en in levensmiddelen terecht komen. Daardoor kan de consument deze stoffen binnenkrijgen. Alleen stoffen die veilig zijn, mogen worden gebruikt.

Wettelijk kader

Europese wetgeving

In Verordening (EG) 1935/2004 worden algemene eisen gesteld aan voedselcontactmaterialen. Voor verschillende materialen zijn aanvullende specifieke Europese bepalingen opgesteld voor:

Daarnaast is er specifieke wetgeving voor het gebruik van een aantal individuele stoffen. Alle regelgeving kunt u vinden via het "Overzicht EU regelgeving FCM".

Voor materialen die niet via de EU Europese unie (Europese unie) zijn gereguleerd, kan aanvullende nationale wetgeving gelden in de EU lidstaten.

Nederlandse wetgeving

In Nederland gelden het Warenwetbesluit verpakkingen en gebruiksartikelen en de Warenwetregeling verpakkingen en gebruiksartikelen ( WVG Warenwetbesluit Verpakkingen en gebruiksartikelen (Warenwetbesluit Verpakkingen en gebruiksartikelen )). Daarin is de Europese wetgeving geïmplementeerd en uitgebreid met:

  • specifieke bepalingen voor materialen die niet specifiek in de EU zijn geregeld,
  • aanvullende bepalingen voor bijvoorbeeld keramiek en plastic.

Producten die in een andere lidstaat rechtmatig op de markt zijn en waar een vergelijkbaar beschermingsniveau voor de volksgezondheid gehanteerd wordt, hoeven niet te voldoen aan de Nederlandse bepalingen. Dit is het principe van "wederzijdse erkenning".

Is er toelating nodig

Een stof mag pas worden gebruikt in voedselcontactmateriaal als die toepassing is beoordeeld en toegelaten. Als een stof nog niet op de lijst van toegelaten stoffen staat, moet de producent een dossier aanleveren bij de overheid. De "Note for Guidance for preparation of an application (2017)" is daarbij leidend, ook voor stoffen in andere materialen dan in plastics. Daarnaast is de" Administrative guidance for petitioners of plastics (2017)" gepubliceerd. Op grond van het dossier beoordeelt de overheid of het veilig is om de stof te gebruiken in voedselcontactmaterialen. Alle toegelaten stoffen staan op materiaal-specifieke positieve lijsten.

Positieve lijsten EU

Voor plastic en geregenereerde cellulose gelden Europese positieve lijsten. Deze zijn opgenomen in de Plastics verordening (EU) 10/2011 en de Richtlijn voor geregenereerde cellulose 2007/42/EG

Positieve lijsten Nederland

In Nederland zijn in de WVG positieve lijsten opgenomen voor stoffen in plastic, papier en karton, coatings (deklagen), rubber, metalen, hout en kurk en textiel. In de lijst voor plastics staan alleen stoffen uit stofgroepen die niet op Europees niveau geregeld zijn ("hulpstoffen" en "stoffen die de polymerisatie direct beïnvloeden"). Alle (grond)stoffen in deze voedselcontactmaterialen, moeten zijn opgenomen in de betreffende positieve lijst van de Warenwetregeling, of in de Plastics verordening.
 Voor "keramiek en email" en "glas en glaskeramiek" worden wel specifieke eisen gesteld aan de eindproducten, maar zijn er geen positieve lijsten opgesteld voor de uitgangsstoffen voor deze materialen. De lijst voor stoffen in geregenereerde cellulose is geharmoniseerd met de EU lijst.

Instituten rond voedsel (en consumentenproducten)

In Europa

De Europese Autoriteit voor Voedselveiligheid ( EFSA Europese Autoriteit voor Voedselveiligheid (Europese Autoriteit voor Voedselveiligheid )) adviseert de Europese Commissie over de verschillende aspecten van voedselveiligheid, waaronder voedselcontactmaterialen. Het CEP Panel on Food Contact Materials, Enzymes and Processing Aids (Panel on Food Contact Materials, Enzymes and Processing Aids ) panel (Panel on Food Contact Materials, Enzymes and Processing Aids) van het EFSA stelt de beoordelingen op en publiceert deze als opinies. Tot 2000 was dat de taak van Scientific Committee on Food (SCF) van de Europese Commissie.
Binnen de Europese Commissie wordt aan veiligheid van voedselcontactmaterialen gewerkt. Daarnaast kunnen er door de Raad van Europa of op specifieke eisen aan voedselcontactmaterialen gesteld worden. Een overzicht van nationale wetgevingen is te vinden in een rapport van het ‘Joint Research Centre’ (JRC)  uit 2016/2017.

In Nederland

De Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit ( NVWA Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit )) bewaakt de naleving van de WVG.
Het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu( RIVM Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu)) adviseert het ministerie van VWS over de toelating van stoffen in voedselcontactmaterialen en heeft een centrale rol bij het opstellen van de stofbeoordelingen.

Aanvullende informatie: