Het Verdrag van Stockholm heeft als doel bescherming van mens en milieu door het beperken van productie, handel en gebruik van persistente organische verontreinigende stoffen (POP'sPersistente organische verontreinigende stoffen ). Het is een verdrag van de Verenigde Naties.

Het verdrag richt zich ook op het zoveel mogelijk beperken van onbedoelde emissies (vrijkomen) van deze stoffen. Er zijn  ruim 180 landen aangesloten bij het verdrag.

Wat zijn POP's?

Persistente organische verontreinigende stoffen (POPs) zijn toxische stoffen die moeilijk worden afgebroken. De stoffen hopen op in levende organismen (bioaccumuleren) en worden verspreid door de lucht en het water. Door hun eigenschappen kunnen ze over lange afstand worden getransporteerd en worden ze wereldwijd aangetroffen. POPs zijn zeer schadelijk voor de volksgezondheid en het milieu. Verontreiniging met POPs is een grensoverschrijdend probleem dat op internationaal niveau moet worden aangepakt.

Welke stoffen in het verdrag?

Het verdrag bevat zowel industriële chemicaliën als pesticiden. Bij de start in 2004 bevatte het verdrag twaalf stoffen en stofgroepen, de “dirty dozen” genoemd. Dat zijn bijvoorbeeld, DDTDichloordifenyltrichloorethaan , polychloorbifenylen (PCBspolychloorbifenylen ) en dioxinen. Daarna zijn er 14 stoffen en stofgroepen aan het verdrag toegevoegd, bijvoorbeeld lindaan en PFOSPerfluoroctaansulfonzuur. In de toekomst kunnen er meer stoffen bij komen.

Wettelijk kader

De EUEuropese unie heeft het verdrag goedgekeurd met Besluit 2006/507/EGEuropese Gemeenschap . De inhoud van het verdrag is opgenomen in de POPPersistente organische verontreinigende stof Verordening (EG) 850/2004, inclusief de stoffen en de overeengekomen voorwaarden. Voor veel van deze stoffen geldt wereldwijd:

  • een verbod voor alle activiteiten en handelingen
  • een verbod met uitzondering van specifieke vrijstellingen
  • een beperking van productie, handel en gebruik
  • monitoring en beperking van de emissies

Wanneer nieuwe stoffen worden toegevoegd aan het verdrag, worden deze ook opgenomen in de POP Verordening.
In  de EU kunnen ook autorisaties (vrijstellingen) en restricties (beperkingen) gelden voor stoffen volgens de REACHRegistratie, Evaluatie en Autorisatie van Chemicaliën verordening (EG) 1907/2006.
Lees meer over REACH autorisatie en restrictie.
Via Zoek stoffen zijn voor een stof ook de autorisaties en restricties uit de POP verordening te vinden.
Lees meer over de vergelijkbare beoordeling binnen REACH van de PBT of vPvB eigenschappen van stoffen.

Hoe komt een stof in het verdrag?

Partijen onder het verdrag kunnen kandidaatstoffen voorstellen voor toevoeging aan het verdrag. Het Persistent Organic Pollutants Review Committee (POPRCPersistent Organic Pollutants Review Committee ) beoordeelt deze kandidaatstelling. Na goedkeuring van de kandidaatstelling wordt een risicoprofiel en een risicomanagement evaluatie opgesteld. Deze documenten worden eveneens door de POPRC beoordeeld. Het POPRC legt uiteindelijk zijn aanbevelingen voor aan de Conference of the Parties (COPConference of the Parties ). De COP is verantwoordelijk voor de uitvoering van het verdrag en neemt ook de beslissingen over de toevoeging van een nieuwe stof.