Natuurlijke toxinen zijn giftige stoffen die door de natuur worden voortgebracht. Ze worden onderverdeeld in bacteriële toxinen, zoötoxinen (uit dieren), schimmeltoxinen (mycotoxinen), algentoxinen (fycotoxinen) en plantentoxinen (fytotoxinen).

Risico’s

Mensen kunnen, bijvoorbeeld via voedsel, blootgesteld worden aan natuurlijke toxinen. De toxinen kunnen leiden tot ernstige gezondheidsproblemen. De effecten kunnen kort na de inname optreden. Bijvoorbeeld bij blootstelling aan het toxine van de bacterie Clostridium botulinum, de veroorzaker van botulisme. Effecten kunnen ook pas veel later tot uiting komen. Bijvoorbeeld tumorvorming als gevolg van blootstelling aan aflatoxine, afkomstig van de schimmel Aspergillus flavus.

Voor een aantal natuurlijke toxinen zijn veel gegevens beschikbaar. Voorbeelden zijn aflatoxine in beschimmelde noten en pinda’s, en deoxynivalenol (DONdeoxynivalenol ) in beschimmelde granen. Van veel andere natuurlijke toxinen is maar weinig bekend over de toxicologische eigenschappen  en over inname door de mens. Dit bemoeilijkt het maken van een accurate risicobeoordeling.
Voor mycotoxinen (van schimmels) zijn nog de meeste gegevens beschikbaar. Voor een aantal van deze stoffen is een (voorlopige) gezondheidskundige grenswaarde (TDI) afgeleid. Voor algentoxinen (fycotoxinen) zijn meestal alleen summiere gegevens bekend over de acute toxiciteit. Deze zijn vaak gebaseerd op vergiftigingen na het eten van schelpdieren zoals oesters of mosselen waarin fycotoxinen zich kunnen ophopen.

Wettelijk kader

Wereldwijd kader

De Joint FAOFood and Agriculture Organization van de Verenigde Naties /WHOWereld gezondheidsorganisatie Expert Committee on Food Additives (JECFA), maakt risicobeoordelingen voor natuurlijke toxinen (met name mycotoxinen). Deze wetenschappelijke advisering is niet wettelijk vastgelegd. De CodexCodex Alimentarius Commission Alimentarius vertaalt deze advisering meestal in voorstellen voor maatregelen en normen die landen op vrijwillige basis kunnen overnemen.

Europese wetgeving

Natuurlijke toxinen vallen binnen de EUEuropese unie onder de contaminanten wetgeving (zie Contaminanten). Algemene wetgeving over verontreiniging in levensmiddelen is vastgelegd in EU Verordening (EEG) 315/93. Voor een aantal mycotoxinen zijn maximum niveaus in levensmiddelen vastgesteld in EU Verordening 1881/2006. In Verordening 853/2004/EC zijn voor vijf groepen fycotoxinen normen (maximumhoeveelheden) vastgelegd waaraan schelpdieren moeten voldoen om te mogen worden verhandeld.

Nederlandse wetgeving

In Nederland is er geen specifieke wet- en regelgeving voor natuurlijke toxinen in levensmiddelen anders dan de algemeen geldende Warenwet. De hierboven genoemde Europese verordeningen zijn ook in Nederland rechtsgeldig.

Instituten rond voedsel

Europese instituten

In Europa valt voedselveiligheid onder het Directoraat Generaal Gezondheid en Voedselveiligheid (DGDirectorate-General SANTE) van de Europese Commissie. De Europese Autoriteit voor Voedselveiligheid (EFSAEuropese Autoriteit voor Voedselveiligheid ) adviseert de Europese Commissie over de verschillende aspecten van voedselveiligheid. Binnen de EFSA is het Panel on Contaminants in the Food Chain (CONTAMPanel on Contaminants in the Food Chain Panel) belast met de veiligheidsbeoordeling van natuurlijke toxinen.

Nederlandse instituten

De Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWANederlandse Voedsel en Waren Autoriteit ) onderzoekt en bewaakt de veiligheid van voedsel en consumentenproducten. De NVWA controleert daarbij onder andere producten op de aanwezigheid van natuurlijke toxinen en of ze voldoen aan de Europees vastgestelde normen.

Het Voedingscentrum informeert over veilig, gezond en bewust eten en schenkt daarbij aandacht aan voedseladditieven.
De Food-info website (Wageningen Universiteit) verschaft achtergrondinformatie over voedsel, de productie van voedsel, ingrediënten (additieven) en voedselveiligheid.